Interview met René Wassenberg van IVN: over de natuur in en rond Zeist
Wie de natuur in Zeist écht wil leren kennen, doet er goed aan om op pad te gaan met een kenner. René Wassenberg, IVN-natuurgids en mede-coördinator van de Bomenwerkgroep, weet precies waar je moet zijn en waar je op moet letten. In dit interview met 'Zeist. De open slotstad' vertelt hij over zijn favoriete plekken in het Zeisterbos, bijzondere dieren die je er kunt tegenkomen en waarom elk seizoen zijn eigen charme heeft. Ook geeft hij tips voor bezoekers die de natuur van Zeist bewust willen beleven.
Wat is volgens jou een van de mooiste plekjes in de Zeister bossen, en waarom juist daar?
Ik gebruik al meerdere keren de stukken Hoog Beek & Royen, Pavia en het voorste gedeelte tot aan de boswachterswoning en de Boswerf voor excursies over naaldbomen. Als je goed oplet, kun je er wel 15 soorten naaldbomen tegenkomen. Dus als liefhebber van naaldbomen en als mede-coördinator van de Bomenwerkgroep van IVN (Instituut voor Natuureducatie) en KNNV (Koninklijke Nederlandse Natuur Vereniging) vind ik dit extra mooie gedeeltes.
Het gedeelte achter de Boswerf vind ik mooi vanwege de heuveltjes. Maar ik zou andere plaatsen tekortdoen als ik ook niet zou wijzen op het Jagershuys en zijn omgeving. Voor kinderen is er een speeltuin, zijn er manenschapen en is er een mooie vijver met een brug. Kortom, er is dus niet één, maar er zijn vele mooie plekjes in het Zeisterbos.
Op zijn plaats is om te vermelden dat niet alleen de allermooiste plekjes, maar het hele bos wordt onderhouden door Het Utrechts Landschap. Zonder onderhoud en restauraties zou het zijn glorie en veiligheid snel verliezen. Mochten er mensen zijn die meer willen weten over de Bomenwerkgroep, dan kunnen zij mij mailen.
Welke dieren kun je in en rondom Zeist tegenkomen waar mensen zich misschien niet bewust van zijn?
Om dieren tegen te komen, moet het natuurlijk heel stil zijn in het bos, zodat de dieren zich op hun gemak voelen en uit hun schuilplaats of dekking durven komen. Dat valt in het Zeisterbos niet mee, omdat het door veel mensen met honden en kinderen wordt bezocht. Toch kun je, als je probeert om op een rustiger tijdstip het bos in te gaan zonder hond, heel goed allerlei vogels horen en spotten, al dan niet met een verrekijker, en als je geluk hebt een eekhoorn zien. Ik heb er wel eens een sperwer vlak langs me af zien scheren.
Tip: De Stuifheuvel en het bosgedeelte erachter. Dit is het rustigste gedeelte van het Zeisterbos en als je eens een ree wilt zien, heb je daar ’s morgens vroeg of in de avond de meeste kans. Verder zijn de bossen rondom Austerlitz, Heidestein, De Krakeling en de Kozakkenput prachtige gebieden met hun uitgestrekte bossen. Daar is het qua bezoekers veel rustiger en heb je dus ook meer kans om dieren of hun achtergelaten sporen te zien. Sporen in de zin van pootafdrukken of prooiresten zijn natuurlijk ook een mooi bewijs van de aanwezigheid van dieren.
In welk seizoen is de natuur in Zeist op haar mooist, en wat maakt dat zo bijzonder?
Alle seizoenen hebben zo hun mooie kanten. De lente is mooi omdat dan alles weer groen wordt en er veel boom- en struiksoorten in bloei te zien zijn. De zomer is mooi vanwege het heldere licht en omdat je dan ’s avonds ook nog een mooie wandeling kunt maken. Ik hou van de herfst vanwege de mooie herfstkleuren en omdat het dan de tijd is van de vruchten in hun kleuren en vormen, zoals beukennootjes, eikels en bessen.
Van de winter hou ik vanwege de winterkenmerken die je kunt zien aan bomen en struiken, zoals de vorm van de bomen, hoe hun takken groeien en hoe de knoppen en kale twijgen eruitzien. Zo kun je met wat kennis toch nog veel boom- en struiksoorten herkennen.
Heb je een tip voor mensen die Zeist bezoeken en echt even de natuur willen beleven?
Dan zou ik het Hertenkamp, de Boswerf en de omgeving daaromheen adviseren. Daar zie je veel afwisseling. Je ziet de mooie hertenwei met damherten, een beekje, de in Zwitserse stijl opgetrokken boswachterswoning met beelden van herten in de voortuin, de Boswerf die voor jong en oud van alles te bieden heeft en het mooie, heuvelachtige gedeelte erachter met zijn oude dennen, elk met een eigen vormenrijkdom.